Het is herfst. Het weer verandert. Het regent meer, waait meer, de temperaturen zakken, de tuindeur blijft weer meer dicht dan open, de zon wordt schaarser, het daglicht vertrekt vroeger. En hoewel ik het echt niet leuk vind dat het najaar het voorteken is van de winter, heeft het ook zijn charmes.
De blaadjes verkleuren in de meest intense kleuren. Van zomers groen naar herfstgeel tot dieprood. Sommige struiken laten zich nu pas in hun pracht zien, om te garanderen dat zij volgend jaar ook op nieuwe plekjes te vinden zijn. Zij lokken de vogels met hun mooiste bessen.
Het waterschap werkt ook mee. Het riet wat mijn uitzicht verstoorde is weer weggehaald en ik heb weer vrij zicht op de watervogels in de vijver voor de deur. De eendjes en meerkoetjes maken dankbaar gebruik van de achtergebleven stengels in het water op zoek naar onverwachte lekkernijen. En ook de meeuwen zitten weer op hun uitkijkposten. Op elke lantaarnpaal één. Wachtend op die ene boterham die vanuit de flat in het water beland.
De zonnige dagen worden schaarser, maar ik maak er gebruik van. En ik niet alleen. Quib wil ook gelijk naar buiten als het weer zich weer een dagje hersteld. Met die regenbuien zit meneer buiten in zijn schuilhok. Hij wil perse buiten zijn, maar houdt niet bepaald van nattigheid.
Genieten van de mooie momenten dus, ook al krijg je de rest er gratis bij
